Internettap
Van Wikipedia
Een internettap is het "afluisteren" van internetverkeer door opsporingsinstanties. Sinds 2002 zijn internetproviders volgens de Telecommunicatiewet verplicht om technische maatregelen te treffen die het mogelijk maken om hun diensten af te tappen. Politie, justitie en geheime dienst (zoals bijvoorbeeld de AIVD) gebruiken informatie uit telefoon- en internettaps om bel-, surf- en mailgedrag van verdachten te volgen. Op grond van de Richtlijn Dataretentie dienen providers gedurende enige tijd de verkeersgegevens van al hun klanten te bewaren.
[bewerk] Vergoeding van kosten
Aftapbaar zijn is een kostbare zaak vanwege de hoge kosten van apparatuur. De kosten van het aftapbaar maken van hun netwerken, moeten grotendeels worden opgebracht door de internetaanbieders zelf. De overheid geeft alleen een kleine vergoeding voor het uitvoeren van tapbevelen en het verstrekken van klantgegevens. De Minister van Economische Zaken heeft de basisvergoeding voor het plaatsen van een internettap vastgesteld op 13,13 euro. Dit op basis van een uurtarief van 26,25 euro voor de medewerker die gegevens opzoekt, de tap plaatst, verlengt of beëindigt. Verreweg het grootste deel van de kosten wordt daarom betaald door internetaanbieders. In 2002 is daarom de Nationale Beheerorganisatie voor Internet Providers (NBIP) opgericht met als doel apparatuur voor het aftappen gezamenlijk aan te schaffen en zo deze grote investeringen gezamenlijk te delen. Op het moment dat een internetprovder een tapbevel ontvangt, kunnen de bij NBIP aangesloten internetproviders gebruik maken van de apparatuur van NBIP. Momenteel worden er rechtzaken gevoerd tussen de internetproviders en de Nederlandse Staat over wie moet opdraaien voor deze kosten. Volgens de landsadvocaat is vergoeding in strijd met de Telecommunicatiewet en mogelijk zelfs verboden staatssteun. Een uitspraak heeft de rechter hierover nog niet gedaan.
[bewerk] Aantal taps
Over het aantal taps dat de providers in opdracht van de opsporingsdiensten plaatsen, worden in het belang van de staatsveiligheid normaal gesproken geen uitspraken gedaan. Niettemin maakte de stichting NBIP in oktober 2006 cijfers op haar website bekend [1]. Het ministerie van Justitie heeft de NBIP toegestaan de eigen cijfers te publiceren omdat het gaat om globale aantallen. De NBIP mag vanwege de staatsveiligheid niet aangeven hoeveel van het totaal aantal taps voor de inlichtingendiensten (bv AIVD) is geweest.
Jaar | Aantal getapte internetgebruikers alleen klanten van NBIP-providers |
Aantal tapmaanden |
---|---|---|
2003 | 6 | 18 |
2004 | 10 | 23 |
2005 | 15 | 40 |
2006* | 31 | 66 |
*) De cijfers over 2006 zijn een schatting op basis van de gegevens van september/oktober 2006 BRON: NBIP-persbericht d.d. 10 oktober 2006[1] |
Op basis van de hoeveelheid taps bij de bij NBIP aangesloten veertig internetproviders, schat de NBIP dat er in 2006 zeker honderd keer gebruik is gemaakt van een internettap. Een gemiddelde internettap duurt ongeveer twee maanden [2].
[bewerk] Referenties
- ↑ 1,0 1,1 Persbericht: "De stichting NBIP voortvarend het vijfde jaar in" http://www.nbip.nl/nieuws/news_item.2006-10-11.2849183739
- ↑ NBIP-voorzitter Alex Bik in het radioprogramma Tros Radio Online van 17 oktober 2006