R.F. Beerling
Van Wikipedia
Reinier Franciscus Beerling (1905 - 1979) was een Nederlands filosoof. Hij studeerde filosofie, sociologie en geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam en in Groningen. Hij promoveerde in 1945 aan de Universiteit Leiden met als thema de "Moderne doodsproblematiek". Vanaf 1946 tot 1958 was Beerling hoogleraar filosofie aan de Noodhogeschool te Batavia en van 1958 tot 1973 hoogleraar wijsgerige sociologie in Leiden. Hij was bijzonder geinteresseerd in de filosofie van de geschiedenis en het werk van Hegel.
[bewerk] Werken
- Antithesen. Vier studies. Met een voorwoord van J. Huizinga, 1935
- Crisis van den mensch. Beschouwingen over de existentiephilosophie, 1938
- Moderne doodsproblematiek. Een vergelijkende studie over Simmel, Heidegger en Jaspers (proefschrift), 1945
- Onsocratische gesprekken. Vijf wijsgerige dialogen en een proloog, 1949
- Kratos. Studies over macht, 1956
- De list der rede in de geschiedenisfilosofie van Hegel, 1959
- Heden en verleden. Denken over geschiedenis, 1962
- Wijsgerig-sociologische verkenningen, 2 delen, 1964/65
- De transcendentale vreemdeling : een studie over Husserl, fenomenologie en sociale wetenschappen, 1965
- Ideeën en idolen. Autobiografisch in- en uitgeleid, 1968
- De sociologie van Georg Simmel, 1969
- Argumenten - sceptisch en antisceptisch. Vrije oefeningen langs socio-filosofische grenzen, 1972
- Sociologie en wetenschapscrisis. Van oratie (1959) tot peroratie (1973), 1973
- Wittgenstein geeft te denken. Zesentwintig commentaren en een inleiding, 1974
- Inleiding tot de wetenschapsleer, 1975
- Het cultuurprotest van Jean-Jacques Rousseau. Studies over het thema pathos en nostalgie, 1977
- Van Nietzsche tot Heidegger. Drie studies, 1977
- Niet te geloven. Wijsgerig schaatsen op godgeleerd ijs. Met kritisch commentaar van H.J. Adriaanse, H. Berkhof en H.J. Heering, 1979