Patriarch Tichon
Van Wikipedia
Patriarch St. Tichon (eigenlijk: Vasili Ivanovitsj Bjelawin, in het Russisch: Васи'лий Ива'нович Бела'вин ) (Taroptsa, 19 januari 1865 – Moskou, 7 april 1925), was een Russisch geestelijke.
Patriarch Tichon (Ти'хон) was de zoon van Russisch-Orthodox priester Ioan Bjelawin. Hij groeide op het platteland op. Van 1878 tot 1883 studeerde hij theologie aan het Pskov Theologische Seminarium. Hij blonk uit qua intelligentie en vroomheid, wat reeds zijn medestudenten opviel. Nadien studeerde hij aan de faculteit theologie van de Universiteit van St. Petersburg. Daarna was hij universitair docent moraaltheologie en dogmatische theologie aan het seminarie. In 1892 legde hij zijn klooster geloften af. In 1897 werd hij tot bisschop van Lublin gewijd en een jaar later van de Aleoeten in Alaska (Alaska behoorde tot in de negentiende eeuw tot Rusland). In 1907 werd hij bisschop van Jaroslav, in 1914 van Wilno en in 1917 werd hij metropoliet van Moskou.
Na de Februarirevolutie van 1917 deed tsaar Nicolaas II troonafstand en trad daarmee tevens terug als hoofd van de Russisch Orthodoxe Kerk. Eindelijk na 200 jaar was de Russisch Orthodoxe Kerk in staat om weer een patriarch te kiezen. De keuze viel op Tichon die nog datzelfde jaar patriarch (paus) van de Russisch-orthodoxe Kerk.
Na de communistische staatsgreep (Oktoberrevolutie) van 1917 werd de Russisch Orthodoxe Kerk systematisch tegengewerkt en werden gelovigen, priesters en geestelijken vervolgd. Patriarch Tichon trad krachtig en moedig op tegen de communisten, maar werd in mei 1922 gearresteerd. Hierna circuleerden er verklaringen van Tichon waarin hij zijn kudde opriep zich niet te verzetten tegen de communisten.
Hij staat vast dat Tichon tijdens zijn gevangenschap werd gemarteld.
Zijn dood op vrij jonge leeftijd in 1925 leidde tot speculaties over een eventuele vergiftiging.
Na de val van het communisme in 1991 en het einde van de Sovjet-Unie, werd Tichon heilig verklaard.
Zie ook: Russisch-Orthodoxe Kerk